Carrierekansen belangrijk voor werknemers


Iedereen wil werk met voldoende uitdagingen. Een baan waarmee de persoonlijke vaardigheden optimaal benut worden. Doorgroeimogelijkheden en sterke carrièrevooruitzichten zorgen dat iedereen in uw organisatie gemotiveerd blijft en het beste van zichzelf geeft.

Voor een goed draaiende organisatie is het van belang dat de juiste persoon op de juiste plek zit. Het is dus zaak om regelmatig bij de medewerkers te peilen of dat nog steeds zo is. Leidinggevenden doen er verstandig aan om – naast het jaarlijkse beoordelingsgesprek tussentijds ook met hun team in gesprek te blijven. Dit geeft de medewerkers de kans om alvast na te denken over het verdere verloop van hun carrière. Daarnaast zorgt zo’n officieus gesprek ervoor dat medewerkers hun wensen makkelijker durven uit te spreken.

Carrièrevooruitzichten op meerdere manieren

Investeren in medewerkers helpt om het beste uit de werkrelatie te halen. Dit kan door cursussen, extra taken, salarisverhoging of een promotie, afhankelijk van de functie en de verwachtingen. Ook is het van belang dat medewerkers weten dat hun leidinggevende vertrouwen in hen heeft. Dat kan tot uitdrukking komen doordat de werknemer meer verantwoordelijkheid krijgt of mee mag denken over plannen, projecten en ideeën.

De balans opmaken in het eindejaarsgesprek

Het eindejaarsgesprek is het uitgelezen moment voor de leidinggevende om de balans op te maken of de medewerker nog in de juiste functie werkt, en nog tevreden en gemotiveerd is. Door te luisteren, vragen te stellen en feedback te geven wordt dit in kaart gebracht. Waar ziet de werknemer zichzelf over een jaar? Kent hij zijn talenten en weet hij waar zijn kracht ligt? Sluiten die talenten aan bij de carrière die de medewerker en de leidinggevende binnen de organisatie zien.

Bron: MT Rendement 18 juli 2018

Nieuwe privacywet (AVG) door Tweede Kamer aangenomen

Zoals verwacht heeft de Tweede Kamer de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) aangenomen. De AVG vervangt dan de huidige privacywet Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). De AVG moet de bescherming van persoonsgegevens in de lidstaten harmoniseren.
 

Met de AVG (tool) worden de privacyrechten van burgers versterkt en uitgebreid. Om de wet snel te implementeren heeft het kabinet gekozen voor een beleidsneutrale uitvoeringswet. Dat betekent dat er inhoudelijk zoveel mogelijk wordt aangesloten bij de huidige Nederlandse wetgeving. De verordening en de Uitvoeringswet treden op 25 mei 2018 in werking. De huidige Wet bescherming persoongegevens (Wbp) wordt dan ingetrokken. De minister heeft al aangekondigd dat later, in 2019, er nog een verdieping op de uitvoeringswet komt.

Autoriteit Persoonsgegevens krijgt er een persoon bij

Bij de stemming over de wet zijn ook een aantal amendementen aangenomen. Zo zal het college van de Autoriteit Persoonsgevens (AP) altijd uit drie personen gaan bestaan in plaats van twee. Dat is besloten omdat de AP bij de uitvoering van de privacywet meer taken en verantwoordelijkheden gaat krijgen.

Bij handhaving rekening houden met omvang  van de organisatie

Verder is toegezegd dat bij de toepassing van de privacyregels ook rekening gehouden gaat worden met de omvang van organisaties. Hierdoor moet voorkomen worden dat Nederland onnodige lasten oplegt aan kleine organisaties.

Leeftijdsgrens minderjarige wordt opnieuw bekeken

De huidige leeftijdsgrens waarbij een organisatie toestemming moet hebben van een wettelijk vertegenwoordiger voor het verwerken van persoonsgegevens (tool) van een minderjarige ligt nu op 16 jaar. Deze leeftijdsgrens moet omlaag vinden een aantal partijen, daarom is toegezegd de leeftijdsgrens opnieuw te overwegen.

Na de Tweede Kamer komt de Eerste Kamer

Nu het wetsvoorstel (pdf) door de Tweede Kamer is, is het volgende station de goedkeuring van de Eerste Kamer. De Eerste Kamercommissie voor Justitie en Veiligheid (J&V) bespreekt op 20 maart 2018 de procedure voor behandeling in de Eerste Kamer.

Belangrijke personeelswetswijzigingen per 1 januari 2018


Op 1 januari 2018 zijn er weer een aantal nieuwe wettelijke maatregelen ingegaan op het gebied van personeel en arbeid. Werkgevers moeten hun organisatie op deze wijzigingen hebben ingesteld.

In maart 2017 vond de Tweede Kamerverkiezing plaats. De afronding van de kabinetsformatie liet daarna lang op zich wachten. Het aantal grote wetsaanpassingen per 1 januari 2018 is daardoor beperkt. In de loop van 2018 zal het kabinet met een heel aantal nieuwe wetten naar buiten komen. Ondanks dat het op gebied van nieuwe wetgeving nu dus relatief rustig is, moeten werkgevers wél de nodige aandacht schenken aan de wijzigingen per 2018.

Loonkostenvoordeel, minimumloon en pensioen

Belangrijke veranderingen per 1 januari 2018 in personeelswetgeving zijn:

14 maart 2018, HR-Rendement

 Langer doorwerken gaat niet vanzelf…
 Oudere medewerkers die zich ondersteund voelen door leidinggevenden zijn minder geneigd om eerder te stoppen met werken. Toch voert nog geen 40 procent van de werkgevers actief beleid om werkenden te motiveren om door te werken. Dat schrijven Annet de Lange, lector Human Resource Management, en Jan Laurier, voorzitter van de raad van bestuur van Blik op Werk.

Werknemers die ouder worden moeten steeds beter letten op de balans tussen taakeisen, werkvermogen en herstel. Bij het ouder worden neemt ook de kans toe dat het werkvermogen afneemt door chronische aandoeningen. Daarnaast duurt het herstel van oudere werkenden na inspannende taken langer, zowel bij mentale als fysieke taken. Het gevolg is dat het gemiddelde werkvermogen afneemt naarmate werknemers ouder worden.

Geen one size fits all

Er is geen ‘one size fits all’ voor de beste manier om aandacht te besteden aan werkvermogen van individuen. Iedere werkgever zou zich moeten afvragen hoe zij hun oudere werknemers blijvend duurzaam kunnen inzetten. Om van langer doorwerken een succes te maken, zijn vroegtijdige en preventieve maatregelen op verschillende niveaus nodig (bijvoorbeeld: zwaarte werk, zelfmanagement van oudere werknemer of type leiderschap). Dit vereist samenwerking tussen de werkgever en de werkende.

U moet het samen doen

Professionele interventies van werkgevers en overheden kunnen het werkvermogen van werkenden ondersteunen en behouden. En tegelijkertijd is een proactieve houding van werkenden nodig om te werken aan de eigen duurzame inzetbaarheid. Werknemer en werkgever zijn dus beiden aan zet in het behouden van een optimaal werkvermogen.

Meer informatie?

Medewerkers zelf duurzaam inzetbaar laten worden is een hele puzzel. Wat werkt bij de een, raakt bij de ander kant noch wal. Tijdens Inzet op Maat – hét vakevent over duurzame inzetbaarheid dit jaar ‑ kunt u daarom uit 30 (!) keuzesessies het gereedschap kiezen dat het beste past bij de mensen in uw organisatie. Lees het hele programma!

Kunt u echt niet komen? Lees dan alles over de uitdaging van langer doorwerken in deze whitepaper.

(Bron: PW.) 26 december 2017

 

Regeerakkoord 2017: overzicht personeelsmaatregelen

Het regeerakkoord 2017 staat bomvol interessante maatregelen voor werkgevers en werknemers. Met welke plannen moeten organisaties in de komende jaren voor hun personeel rekening houden?

Wie van verandering houdt, wordt door het nieuwe kabinet niet teleurgesteld. In het regeerakkoord 2017 is veel aandacht geschonken aan de wet- en regelgeving voor personeel en arbeid. Het akkoord kondigt onder meer wijzigingen aan in de regels voor de transitievergoeding, het ontslagrecht, de ketenbepaling, zzp’ers en het pensioenstelsel.

Download de tool Het belangrijkste personele nieuws uit het regeerakkoord als infographic.

Belangrijkste punten voor HR uit regeerakkoord 2017

Arbeidsovereenkomst:

Transitievergoeding:

Flexkrachten:

Verlofregelingen:

Arbeidsongeschiktheid:

Pensioen:

Loon:

Participatiewet:

Buitenlandse werknemers:

Duurzaam inzetbaar? Bekijk het maar!

 

‘Geen vakman meer te krijgen.’ Hoe vaak heeft u die verzuchting al geslaakt, de laatste vijf tot tien jaar? Toch zit er wel waarheid in, blijkt uit het promotieonderzoek van Bert Breij aan de Vrije Universiteit van Amsterdam (VU). Vooral de oudere vakmens geeft er toenemend de brui aan. Achter die vrij simpele constatering schuilt een behoorlijk ernstig probleem. Zeker als de beroepsbevolking duurzamer inzetbaar moet worden.

Want het zijn juist de gezonde oudere werknemers die eerder stoppen met werken. Waarom? Ze zijn het zat. Ze voelen hoogstens nog een zakelijke betrokkenheid bij hun werkgever. Zelf hadden ze de laatste vijf jaar al geen binding meer met het bedrijf waar ze voor werken. En de overheid vinden ze een onbetrouwbare factor waar je voor je oudedag echt niet meer op moet rekenen. Ze willen hun leven anders inrichten. Ze benutten de kansen om vroegtijdig uit te treden. Ze hebben al lang genoeg gewerkt, vinden ze.

Wereld van ongenoegen

Niet dat ze een hekel hebben gekregen aan hun werk. Ze houden nog steeds van hun vak, en van hun collega’s. Dat zijn en waren de belangrijkste factoren om door te gaan. Maar zo langzamerhand is het genoeg geweest. Hierachter gaat een wereld van ongenoegen schuil, in het onderzoek samengevat als ‘reorganisaties, nieuwe eigenaren, nieuw management en prestatienormen, nieuwe werkmethoden, verlies aan gevoel van zelfstandigheid, en verlies aan gevoel van respect.’ Ook een afstandelijke houding van de werkgever speelt mee ( ‘Eerder met pensioen? Moet je zelf weten’).

Op tijd eruit

Persoonlijke vrijheid is belangrijker dan geld. Op latere leeftijd is het tijd voor wat anders, dat gevoel komt op. Liever op tijd eruit stappen, dan kan je nog van de rest van je leven genieten, zo lijkt het motto. Wat heb je er anders aan gehad? De partner blijkt de grootste invloed op het nemen van die beslissing. Overigens speelt het probleem niet alleen bij oudere vakmensen. Ook in het onderwijs en bij de overheid haakt een ‘cohort’ aan oudere werknemers met een perspectiefrijk en veelzijdig arbeidsleven vrijwillig eerder af, volgens de samenvatting bij het promotieonderzoek.

Waardering en zekerheid

Het onderzoek maakt volgens Breij duidelijk dat psychologische factoren als onvoldoende waardering van je werkgever en weinig zekerheid vanuit de samenleving domineren bij de beslissing om vroeg te stoppen met (betaald) werk. De uitkomsten geven volgens de promovendus alle aanleiding om op nationaal niveau te onderzoeken op welke schaal het vroegtijdig uittreden van deze vaklieden plaatsvindt.

De pensioenval

De Breij is niet de enige onderzoeker die wijst op de nadelen van doorwerken op ‘latere leeftijd’, zeker in fysiek zware beroepen. Gezondheidseconoom Ravesteijn onderzocht in 2016 het effect van personeelsbeleid op de gezondheidsverschillen tussen armere en rijkere mensen. Het bevestigt een inmiddels bekend effect: mensen met lager betaald werk doen vaak fysiek zware arbeid, waar ze wel langer mee door moeten gaan omdat ze niet veel meer hebben dan AOW als ze met pensioen mogen. De beter betaalde banen zijn vaak fysiek langer vol te houden, maar de mensen die daarin werken hoeven niet langer door te gaan omdat ze het zich kunnen veroorloven om eerder met werken te stoppen.

Anderhalf jaar ouder worden

Toch kunnen mensen met zware beroepen zich volgens Ravesteijn na hun vijftigste beter laten omscholen. Anders lopen ze kans dat ze niet meer door kunnen werken, door de schade die ontstaat in hun fysiek zware beroep. Het gezondheidseffect van een jaar fysiek zwaar werk op latere leeftijd is vergelijkbaar met zestien maanden ouder worden. En bij mensen met weinig controle over de manier waarop ze elke dag moeten werken betekent een jaar doorwerken anderhalf jaar ouder worden.

Hulp bij omscholing

De fysiek meest zware beroepen zijn volgens Ravestein metselaar, timmerman, postsorteerder, bakker en verpleger. Als zij langer doorwerken in hun oude beroep, worden ze langer blootgesteld aan de effecten van werken die de gezondheid schaden, juist op een leeftijd waarop dat werk hen het zwaarst valt. Hulp bij omscholing is daarom gewenst, vindt Ravesteijn. Hij baseerde zich op kenmerken van 320 beroepsgroepen en gegevens over werk en gezondheid in Nederland en in Duitsland waar mensen 29 jaar lang werden geobserveerd. Zo kon Ravesteijn rekening houden met factoren die zowel selectie in beroepsgroepen als de gezondheid beïnvloedden.

Let op de waardering

Het is niet alleen de fysieke belasting die een beroep zwaar maakt. Ook de waardering van dat beroep heeft invloed op de gezondheid, volgens Ravesteijn. Dat sluit aan bij het onderzoek van de Breij. In Nederland geven mensen met laag gewaardeerde beroepen hun gezondheid drie keer zo vaak een slecht rapportcijfer dan mensen met hoog gewaardeerde beroepen. Hun sterftecijfer is tweemaal zo hoog, en ze raken tweemaal zo vaak arbeidsongeschikt.

Hou op met zeuren!

Met meer waardering valt er in het streven naar duurzamer inzet dus nog een wereld te winnen. In allerlei beroepen en branches, maar met name bij vakmensen en mensen in (fysiek) zware beroepen, zou je kunnen concluderen. Meer nog dan met om-, her- en bijscholing. Want het werk vinden ze nog steeds leuk, idem de collega’s en de sfeer onderling. En nodig zijn vakmensen, technici en mensen in zware beroepen meer dan ooit. Waarom zou HR dan aan hun hoofd blijven zeuren over scholing, snuffelstages en ‘wat anders gaan doen’? Zorg dat ze het onderling leuk hebben en ze gaan door.

Nee, blijf maar lekker zeuren!

Denk voor het antwoord op de vraag ‘waarom toch steeds dat ge-ontwikkel’ aan de zelfscannende kassa. De zelfrijdende hefkar en andere robots. De stratenlegmachine. Humanoids, mensachtige robots werken steeds vaker als receptioniste, kelner, hostess, en zelfs als politieagent. Cobots draaien met eindeloos repeterende bewegingen auto’s veel sneller en beter in elkaar dan mensen, en zelfrijdende karretjes (AGV’s) poetsen de hele dag onophoudelijk en zelfdenkend de vloer. Denk aan de zetters en drukkers van vroeger. Of de lantaarnopstekers van veel vroeger. Natuurlijk zijn er mensen bij nodig om het ‘ding’ goed te laten werken. Zeker. Nog wel. Nu. Nog. Wel. Die druk op hun werk (is het er over enkele jaren nog wel, kan ik er dan nog ander werk in vinden) voelen met name de oudere vakmensen. En het is juist bij hen een van de redenen om er voortijdig mee te stoppen.

http://www.overduurzameinzetbaarheid.nl

 

 

Voorkom gezondheidsproblemen!

Samen met een aantal belangenorganisaties voor gezond werken heeft de SER de aanstaande regering opgeroepen om meer aandacht te besteden aan preventie van gezondheidsproblemen. Duurzaam inzetbaar blijven heeft geen enkele kans zonder een pro-actief vitaliteitsbeleid. Hierbij moet HR vaak het voortouw nemen.

Een groot aantal personen en organisaties vragen samen met de SER om in het regeerakkoord een plaats in te ruimen voor preventie van gezondheidsproblemen. Dat is hard nodig vinden de opstellers, omdat meer mensen steeds ouder zullen worden. Dus moeten meer mensen langer doorwerken, en zullen er ook meer chronisch zieke mensen en medewerkers zijn.

 

Voorkomen is goedkoper

Sociaal-economische gezondheidsverschillen tussen mensen blijven groot en hardnekkig, denken de opstellers van de brief aan het kabinet. Niet iedereen kan even makkelijk gezond en werkend oud worden. De risico’s van langer doorwerken in fysiek zware beroepen zijn inmiddels wel bekend. De kosten voor de zorg zullen zonder extra maatregelen verder toenemen. Preventie is hierbij essentieel; mensen blijven langer gezond en preventie kan voorkomen dat de last van een eenmaal ingetreden ziekte erger wordt.

 

Duurzame inzetbaarheid

De briefschrijvers willen samen met overheid de komende tijd preventie een noodzakelijke impuls geven. Specifiek voor de arbeidsmarkt is meer aandacht nodig voor duurzame inzetbaarheid, als onderdeel van breder beleid gericht op preventie van uitval. Hierbij is aandacht nodig voor de verschillen in belastbaarheid tussen beroepen en het verkleinen van sociaaleconomische gezondheidsverschillen. De SER wil graag met de informateur en het nieuwe kabinet in gesprek gaan over de vraag hoe bedrijfsorganisaties preventie voor gezondheid de komende tijd kunnen versterken.

 

Vitaliteitsbeleid

Werkgevers moeten de gezondheid en tevredenheid van hun werknemers serieus nemen als ze de moraal willen verbeteren, de productiviteit willen verhogen en hun werknemers willen behouden. Voor de meesten begint het bevorderen van het welzijn van werknemers met het invoeren van een vitaliteitsbeleid. Dit pakt tevens het personeelsbehoud aan en vermindert absenteïsme. Een dergelijk beleid spreekt liefst alle personeelsleden aan en inspireert tot een aanhoudende verandering. Daarom is een creatieve benadering van welzijn in het bedrijf noodzakelijk.

Kom in beweging!

De eerste stappen van het beleid kunnen simpel zijn. Bijvoorbeeld door de koektrommel te vervangen door een fruitmand om gezondere gewoontes aan te moedigen. En denk ook (weer) eens aan de trap naar beneden, de groentes in plaats van kroketten in de kantine, de lunchwandeling, het toilet op de andere etage, het mobiele telefoongesprek elders, en de kleine koffiekopjes die je zelf steeds moet vullen. Hierna kunnen verbeteringen van de leef- en werkstijl volgen, zoals de introductie van ergonomisch kantoormeubilair.

 

Fundamentele verandering is nodig

Belangrijk is, zo blogde Andrea Cantong op Het Nieuwe Werken Blog, dat een vitaliteitsbeleid de manier van werken fundamenteel verbetert. Veel kantoren faciliteren een zittende werkwijze, waarbij werknemers het grootste deel van hun dag zitten en waar e-mail en online chat ervoor zorgen dat mensen zelfs niet meer op hoeven te staan om collega’s te spreken. Dit is vaak de oorzaak van gezondheidsproblemen en komt het welzijn van medewerkers niet ten goede. Laat een slechte werkomgeving en een zittende levenswijze op kantoor niet de oorzaak zijn van het verlies van talenten, maar breng je personeel in beweging!

 

Duurzame Inzetbaarheid, 30 augustus 2017

 

Rating: 3.5 sterren
2 stemmen

Vindt u gezonde/vitale werknemers belangrijk binnen uw organisatie?

Bacterien houden van koffie'

Uw kantooromgeving oogt misschien wel schoon, maar dat is gezichtsbedrog. De bacterien zitten heus niet alleen maar op het toilet, ze zijn dichterbij dan u denkt. De wc staat niet eens in de top 5 van vieze kantoorplekken, blijkt uit onderzoek van schoonmaakbedrijf Helpling. 

Huidschilfers

De printer is op de vijfde plaats een verrassing, maar toch ook niet. Iedereen zit er met zijn vingers aan. Het toetsenbord was wel te verwachten, die zit vol met broodkruimels, zweet en huidcellen. 

Pennen worden ook nog eens in de mond genomen, dus die staan op de derde plek. De koptelefoon is nummer twee, door zweet, oorsmeer en huidschilfers. Op nummer 1 een verrassing, u heeft er net uw lippen tegenaan gezet: uw koffiemok!

 

21 augustus 2017

MT Rendement

'Scrum maakt u flexibel'

Bij projectmatig werken denkt u al snel aan veel vergaderingen, deadlines, onverwachte kosten en wegvloeiende energie. En dat terwijl u een plan heeft geschreven en een teamleider heeft aangewezen om alles in goede banen te leiden. Bij traditioneel projectmanagement lopen de zaken helaas niet altijd zoals verwacht. Een alternatief is de zogenaamde scrummethode. 

 

In de IT-wereld werd de scrummethode als eerste omarmd. Daar wordt hij nu nog steeds veel gebruikt. Inmiddels is deze manier van werken echter ook in andere branches populair. Sommige organisaties gebruiken scrum voor de dagelijkse gang van zaken, andere voor het organiseren van een evenement of voor het in goede banen leiden van een bedrijfsverhuizing. 

 

Eilandjes

Met de scrummethode schrijft u minder plannen en doet u meer; het projectteam werkt niet meer op eilandjes maar als 1 toegewijd team en levert op korte termijn resultaat. Ook is er continue ruimte voor feedback. Scrum werkt in theorie eenvoudig. De kern van scrum is dat u in zogenoemde sprints werkt, zodat u tussentijds kunt toetsen. Een sprint is een tijdsperiode van een halve dag tot maximaal 2 weken, die u achter elkaar door plant. Het zijn eigenlijk miniprojecten waarin het scrumteam telkens een concreet resultaat oplevert. 

 

Scrummen komt uit de rugbysport

De term 'scrum' is overgewaaid uit de rugbysport. Door de wisselende tactieken op het veld, worden er verschillende teams samengesteld, waarvan het scrumteam er een is. Bij een scrum gaan de teams schouder aan schouder met voorovergebogen houding tegen elkaar duwen. Op het moment dat er 1 speler wegzakt, valt het hele scrumteam in elkaar. Ook aanvallend moet het team samenwerken waarbij aanpassingsvermogen, snelheid (korte sprints) en zelfsturing belangrijk zijn, net zoals in een project. 

 

15 augustus 2017 

MT Rendement 

'Nieuws voor de werkgever'

 Indien een werknemer, om wat voor reden dan ook, niet meer in staat is te werken en thuis komt te zitten, kunnen de kosten voor jou als werkgever behoorlijk oplopen. Je kan te maken krijgen met loondoorbetaling onder de wet Verbetering Poortwachter, met transitievergoedingen en ook met een WGA schadelast.

 

Met de rekentool (zie button boven) kun je uitrekenen hoe dat voor jou uitpakt.

 

Wil je dit alles echter voorkomen, dan heeft De Woensdag de best werkende oplossing voor jou. Wil je meer weten? Neem contact met ons op of laat je gegevens achter, dan nemen wij contact op.

 

Contact met De Woensdag:

Heb je nog eventuele vragen, opmerkingen, of wil je contact opnemen met De Woensdag®? Bel ons dan of stuur ons een mail.

070-8888063, info@dewoensdag.nl
of via 06-52403478 krikkewilja@gmail.com
 
10 augustus 2017
 
Nieuwe Arbowet per 1 juli jl. van kracht

Op juli jl. is de vernieuwde Arbowet in werking getreden. Hierdoor is er het een en ander veranderd op arbogebied. Zo wijzigen de rechten en plichten van de bedrijfsarts, komt er meer aandacht voor preventie van arbeidsongeschiktheid en beroepsziekten en gelden er straks eisen voor de overeenkomst met de arbodienst. 

Met name dit laatste punt heeft uw aandacht nodig. In het basiscontract moeten in ieder geval de wettelijke taken komen te staan waarbij u zich moet laten ondersteunen door de arbodienstverlener. Ook behoren de specifieke (nieuwe) rechten en plichten van de bedrijfsarts in het contract terug te komen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de klachtenprocedure en de second opinion. 

 

Checklist

De wettelijke vereisten voor het contract met de arbodienst of bedrijfsarts gelden per 1 juli 2017 voor alle nieuwe arbocontracten. Lopende contracten met de arbodienstverlener moeten voor 1 juli 2018 zijn aangepast. Om u te helpen bij de wijzigingen van het arbocontract, heeft OVAL - de branche voor arbodienstverleners - een vernieuwde checklist voor het opstellen van de overeenkomst gepubliceerd. Deze checklist bevat geen voorbeeld van een basisarbocontract, maar wel een opsomming van de punten waarop u moet letten. De checklist vindt u op oval.nl 

 (Rendement, mei 2017)